De grootste gids naar slotenmaker Heuvelland

Na een brouwerij aangaande Arent Jansz een Ouwen, betreffende de gebruikelijke twee ketels en enigszins zoveel eesten, valt ons oog op dit kleine huisje tevens en de deftige woonhuis, die er onmiddellijk aan grenst. In het eerste bezit mr.

Dit betekent op zichzelf zelf niet veel, doch identiek verschijnsel, vermindering der stookplaatsen, is in al een kwartieren waargenomen, zelfs in de aanzienlijkste woningen. Ten einde een druk der belasting met dit haardstedengeld zoveel geoorloofd te verlichten, zal men doorgaans beschikken over verwijderd hetgeen ook niet gebruikt werden of overbodig was, een maatregel, die in later tijd via belastingplichtigen in praktijk placht te gebracht worden.

In een Vlouw treffen wij een appartement met van Pieter Vromans, schilder over beroep, welke zijn verblijf huurde van de vleeshouwer-musicus Cornelis Florsiz. op de Voldersgracht. In het gildemeesterboek van het St. Lucasgilde stond deze in 1613 te boek ingeval waterverfschilder. Behalve enige viskopers - vijf in getal -,  schoenmakers, zwaardvegers, kuipers en overige woonde in welke straat ons zekere Jacques Franssoon voor ons kruier in.

Een tenor of bas had toentertijd niet wanneer tegenwoordig een goudmijn in zijn keel, al kon deze daar op burgerbrui­loften en dergelijk feestelijkheden wel ons een drinkpenning mee verdienen. En omdat opera's en concerten in 1600 nog verre te uitkijken waren, was een vocalist al best gelukkig indien hij via bestaan vrolijk en luidklinkend lied op deze plaats en daar tot vermeerdering der vreugde en ge­zelligheid een buitenkansje hebben kon boven een verdiensten aangaande bestaan hoofdbedrijf.

In het bedrijvige Delft over een 17e eeuw schijnen een zenuwen aangaande een bewoners niet zo prikkelbaar geweest te bestaan vervolgens thans (1882)

hun dienst daar waar te nemen, waarvoor zij ieder daags ontvingen 7 stuivers, welke wekelijks werden uitbetaald.

In overeenstemming met dit beweren, dat een dronkenschap zich op vierderlei handelwijze openbaart, moest Jacob tot een categorie der leeuwen worden gebracht, aangezien in een afdeling der apen, schapen ofwel zwijnen hoorde deze niet thuis.

In dit vierkant aangaande De Ham oefende nog ons lid der familie Betreffende der Dussen het brouwersbedrijf uit. Terwijl zijn woonhuis 8 haardsteden bevatte, werden, een momentje zodra in een overige brouwerijen, slechts 2 ketels en een momentje zoveel eesten in de brouwerij over Frans Adriaensz aangaande der Dussen gevonden, ‘bij verclaringhe over zijn huysfrouwe’.

Velen daarvan bestaan van ons plaatsnaam, een huisnaam ofwel een uithangteken afkomstig. De benaming Van Mierevelt vormde in overeenstemming met Soutendam daarop een uitzondering. Zij werd 't aanvankelijk door hem gedragen, zijn papa heette alsnog Jan Michielsz. Een titel lijkt mij niet aan een uithangteken, doch veeleer aan het Franse merveille ofwel dit Italiaanse maraviglio zijn oorsprong te meer informatie zijn verschuldigd. Het kan zijn ons epitheton dat de schilder kan zijn verleend welke, bijvoorbeeld over Bleyswijck zegt “via sijn konst een genegentheden der Vorsten (had) begrijpen te trekken”.

In gelijke buurt treffen we nog Gysbrecht Henricxz, welke wanneer ‘ossenslager’ is vermeld. Op welke manier buitenissig dit het ook moge voorkomen, werden daar destijds en vroeger alsnog streng onderscheid gemaakt tussen koeien- en ossenvlees, getuige tussen verschillende een veroordeling op 28 April 1542 betreffende Pieter Jonge Dircksz, vleeshouwer, omdat deze bestaan vlees ‘onderstoken’ had en koeievlees vanwege ossevlees verkocht.

betreffende der Burch oefenden tevens hun nering juiste Oude Delft uit. De laatste was brouwer ‘Inde Chimbel’ of ‘Ros-bel’ (ons korte schel of bel bijvoorbeeld er bijvoorbeeld met een narren- of arrentuig wordt gevonden).

Dit komt mij voor, dat Aangaande Westrheene juist bezit geredeneerd en het dit huis, destijds het derde van de Pepersteeg af gerekend en gelegen met een oostzijde over dit Antieke Delft zuidwaarts, door een schilder-brouwer gedurende zijn verblijf hier ter stede zal bestaan bewoond.

Zijn buurman, in overeenstemming met het register ‘capiteyn Peuckee’, had in huur het woonhuis, op welks gevelsteen het instrument was afgebeeld, tussen de  mannen aangaande dit ambacht als ‘Spijckerboor’ ofwel ‘Nagelboor’ bekend.

Weinig particulieren of mensen, welke nauwelijks bedrijf uitoefenden, bewoonden toentertijd het gedeelte met de plaats. Achtereenvolgens worden opgenoemd: ons pompmaker, een ‘out-schoenmaecker’, ons goudsmid ‘Inden Bibel’, ons schoenmaker, een schrijnwerker Jacob Oliviersz, die tevens kwartiermeester van het 15e kwartier was en daarna ons lid over het voormalige gilde betreffende Maria’s Bekendmaking, dit kan zijn een kleer­maker.

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15

Comments on “De grootste gids naar slotenmaker Heuvelland”

Leave a Reply

Gravatar